In den Hemel


In den hemel, in den hemel, in den hemel
Is er niet veel plezier, dus blijven we hier
Al is het een hel en zijn wij mensen te fel
We mogen dansen en vrijen hier

In den hemel, in den hemel, in den hemel
Huist geen duif maar de gier, dus blijven we hier
Bij onze soort, schreeuwen brand en moord
We draaien onze nestel hier

Wat moeten we met een lieve heer
En zijn vrouw klimop telkens weer
Klinkt Halleluja bij madam en meneer
Het doet geen zeer

In den hemel, in den hemel, in den hemel
Is er niet veel plezier, dus blijven we hier
In dit stinkende hol, op dezen raren bol
Spelen wij onze rol alhier

’t Is dat het zo moet zijn
We hangen den aap uit en ook het zwijn
In het salon van de schone schijn
Ja daar staat het schrijn

In den hemel, in den hemel, in den hemel
Huist geen duif maar de gier, dus blijven we hier
Bij zotte wijven en venten, zoveel bekenden
Is er nog plek voor ieder dier

 

.

Madame Phype Live

 

Madame Phype rookt sigaren
Havanna’s zelf gedraaid
De geur van haar haren
Het vuur dat lekker laait
Madame Phype is heel bedreven
Met lucifers en zo
De vlam slaat in de nevel
En ik zing cocorico

Madame Phype rookt sigaren
Dat is haar handelsmerk
Ik staar naar de wolken
Terwijl haar tong speelt met die vlerk
Madame Phype spreekt weinig woorden
Niet dat het er toe doet
Die hemelse akkoorden
Weerklinken wonderzoet

Oh Halo, Madame Phype
Waarom raakte ik haar kwijt?

Madame Phype rookt sigaren
Uit Cuba, weet ik veel
Ik kijk uit over de zeeën
Was ik infideel?
Madame Phype is nu verdwenen
Op golven van de oceaan
En ik zucht tot mijn tenen
Je kameraadje is vergaan

Oh Halo, Madame Phype
Waarom raakte ik haar kwijt?

Madame Phype rookte sigaren
In de auto, op het balkon
Ik tuurde ondersteboven
Waar is mijn horizon?
Madame Phype kon mij doen zingen
Door de kringen van haar rook
Totdat mijn ogen prikten
Ik was totaal van de kook

Oh Halo, Madame Phype
Waarom raakte ik jou kwijt?

Jimmy’s Song

Mag ik u wat vragen
Ik zoek een dij om op te knagen
Het maakt me o zo blij
Te knagen op een dij
Ik wil nu echt niet zagen
Maar zo’n dij om op te knagen
Is het Elysium voor mij
Het knagen op een dij

Ach, ’t is een hondenleven
Te veel zon, te weinig regen
Ik trippel uit mijn mand
In bed een plek vacant
Ik snuif aan wilde grassen
En drink uit grote plassen
Ik laaf me aan die ruil
Het loopt lekker in mijn muil

Mag ik u wat vragen
Ik zoek een dij om op te knagen
Het maakt me o zo blij
Te knagen op een dij
Ik wil nu echt niet klagen
Maar zo’n dij om op te knagen
Is het Elysium voor mij
Het knagen op een dij

Lig ik weer te dutten
Graaf ik diepe putten
Zo’n muisje klein en fijn
Mag er best wel zijn
Ik hou van snuffelen en spel
Een lijfje tegen mijn vel
Mijn staart zwaait flink in ’t rond
Ik ben toch een hond

Ik wil nu echt niet klagen
Maar zo’n dij om op te knagen
Is het Elysium voor mij
Het knagen op een dij
Ja, het Elysium voor mij

 

 

Ja dichter nee dichter

Een vriend diepte dit krantenknipsel op en plaatste het op Facebook. Een interview van eind 1978, begin 1979. 

Wat had ik te vertellen als 23-jarige. Wat weet je dan? Toegegeven, niet veel. Weet ik nu zoveel meer? Toch staan er vreemd genoeg dingen in die blijven. Is dat zo raar? 

Met de jaren veranderen we, niettemin zijn we wie we zijn. Was ik een dichter? Ineens wel in de ogen van een aantal anderen. Op zich was dat best prettig, op die leeftijd.

Met een collectief traden we enkele jaren regelmatig op, in kleine en grote zalen te lande.  ‘Poëzie, nee dank u”, een initiatief van de inmiddels overleden Chris Latour. Na een tijd stopte dat en ik verhuisde naar Brussel.

Nieuwe wegen openden naast verschillende jobs om den brode. Theater en muziek, mijn eerste liefde, verdrongen het maken van gedichten.

Toch verdween poëzie niet. In een gedicht, een lied – doet dat er toe? Het maakt niet veel uit.  Voor mij is dat alles deel van een groter geheel.  

 

Interview eind 1978, begin 1979

Mannen weten het meest…

 

Mannen weten het meest
Maar vrouwen weten het beter
Mannen weten het meest
Maar vrouwen o weten het beter

Hij zegt hoe het moet, dat doet ie zo goed
Ze doet alsof ze hem niet hoort
Hoe gooi je die plaat overboord
Ze zit verankerd in je bloed
Draaien we de zaken dan eens om
Trekt wat recht is opnieuw krom

Mannen weten het meest
Maar vrouwen weten het beter
Mannen weten het meest
Maar vrouwen o weten het beter

Ze zegt hoe het moet, dat doet ze zo goed
Hij gebaart van krommen haas
Ze lopen vast in het geraas
Op weg naar soelaas naar de spoed
Draaien we het geslacht dan eens om
Het spoor trekt altijd een beetje krom

Mannen weten het meest
Maar vrouwen weten het beter
Mannen weten het meest
Maar vrouwen o weten het beter

 

 

Als ik een man wil

Als ik een man wil
Als ik een man wil
Moet die knap en handig zijn
Of is het beter dat ie geld wint
Dan voel ik mij een koningin te rijk
Rijker dan de zee diep is
de reder Onassis
de fortuinlijke Cresus
Geen armoezaaier zoals die Jezus

Als ik een man wil
Als ik een man wil
Moet die flink en moedig zijn
Of is het beter dat ie macht heeft
Dan voel ik mij een koningin te rijk
Grootser dan de berg groot is
Atlas, Caesar, Clovis
de grijpgrage fiscus
Geen naïeveling (oh lieveling) zoals die Jezus

Als ik een, mm..
Als ik een, oh..
Dan zeker geen held zoals gij

 

Dit lied dateert van ergens eind 2016, begin 2017 en wordt hier gezongen door een vrouw, zoals dat oorspronkelijk was bedoeld. Bedankt Lot!

 

Alles wat je doet

 

Alles wat je doet is politiek
Al wil je dat niet
De Deense staat, rot en ziek
Het leven is een grap en een wolkje tragiek

Wanneer de leiders zijn vervreemd
Van wat bij mensen leeft
Laat ze reizen naar Mars
Geef ze een pas
Voor die straffe planeet

Als zanger maak je liedjes
Over de dingen die je ziet
Nu eens gaat het over liefde
Verlies, verdriet
Vreugde, seks en dansen
Maar ook de kiezels in je schoen
Hoe we dreigen te verzuipen
Als we er niks aan doen
Oh…

Kijk hoe het water stijgt
De toevloed tussen (w)arm en rijk
We sluiten onze ogen
Voor het breken van de dijk
We betalen ons opnieuw blauw aan wapens
Kopernikkel voor averij
Aan wie, voor wie en namens
En wat voor slavernij
We staan erbij

Alles wat je doet is politiek
Al wil je dat niet
Alles wat je doet, oh…

Als zanger maak je liedjes
Voorwaar een schone, schrale troost
We brallen, lallen, brullen, lullen, nullen
En we klinken, nog een toost
Sta op, komaan hop
We zingen nog een keer

Alles wat je doet is politiek
Al wil je het niet
Alles wat je doet is politiek
Willen of niet

 

 

 

Geloofsbelijdenis

 

Elke dag ga je te biechten
Je lijst van zonden o zo lang
Wat staat er op je kerfstok
Gij potsierlijk ouwe man

Elke dag ga je te biechten
Waar is die akte van berouw
Je valt nog steeds voor de verleiding
Van een vrouw

O de gebeden, de hele liturgie
Van de Grieken tot het heden
Wat is er mis met Polly en Ga nu nie…

Elke dag ga je te biechten
Wat kun je anders doen
Waar schiet je weer te kort
In de begeerte naar een zoen

Elke dag ga je te biechten
Op krukken, met je bed
Soms wil het best lukken
Zonde van het gebed

Elke dag ga je te biechten
In het belijden van je straf
Zou je om ’t even wat bekennen
Voor daadkracht in het graf

Elke dag ga je te biechten
De pieren weten niet wat ze zien
O mijn god, wat is me dat
En zo bedrijvig bovendien

Elke dag, elke dag
Zalig zolang het mag
Elke dag